Het onderzoek richt zich op laboratoriumanalyse van genactiviteit die samenhangt met DNA-schadereparatie en cellulaire stressreacties. Deze processen treden op in de beginfase van Parkinson, tot wel twintig jaar voordat motorische symptomen ontstaan. Met behulp van machine learning identificeerden de onderzoekers een specifiek patroon van genexpressie dat uitsluitend voorkomt bij patiënten in dit vroege stadium, niet bij gezonde personen of mensen met al gediagnosticeerde Parkinson.

De vondst opent een tijdsvenster waarin laboratoria de ziekte kunnen opsporen voordat onomkeerbare hersenschade optreedt. Het team ziet mogelijkheden voor een eenvoudige bloedtest die breed inzetbaar en relatief goedkoop is. Daarmee verdwijnt de noodzaak van dure beeldvormings- of hersenvochtanalyses die nu vaak beperkt blijven tot gespecialiseerde centra.

In de komende jaren willen de onderzoekers de onderliggende mechanismen verder ontrafelen en geschikt maken voor routinematige diagnostiek. Binnen vijf jaar kan er een eerste toepassing in de zorg mogelijk zijn. Dit vroege inzicht in genactiviteit kan helpen bij het ontwikkelen van medicijnen die het voortschrijden van de ziekte van Parkinson vertragen of bestaande middelen hergebruiken.