Verschillende polair aprotische oplosmiddelen (PAO), zoals NMP, DMAc en DMF, zijn toxisch maar worden op grote schaal gebruikt, onder meer in de chemische industrie. Wageningen Food and Bio-based Research (WFBR) en RIVM screenden de mogelijke biobased alternatieven op diverse eigenschappen. Sommige biobased chemicaliën zijn (sterk) polair, waardoor ze als mogelijk alternatief kunnen dienen voor polair aprotische oplosmiddelen (PAO). Om hierover meer duidelijkheid te krijgen inventariseerde Wageningen Food and Bio-based Research (WFBR), in opdracht van het ministerie van IenW, potentiële nieuwe biobased alternatieven voor de oplosmiddelen NMP (N-methyl-2-pyrrolidone), DMAc (dimethylacetamide) en DMF (dimethylformamide). Dit zijn zeer zorgwekkende stoffen die nu nog veel worden gebruikt, met name in de chemie, maar waarvan het gebruik in de EU wettelijk is of wordt beperkt, vanwege onder meer reprotoxische eigenschappen. De inventarisatie leverde een lijst op van negentien stoffen en stofgroepen die als potentiële nieuwe biobased alternatieven kunnen dienen voor drie betwiste PAO. De industrie is nu aan zet voor verder onderzoek. Het uiteindelijke doel is dat onveilige polair aprotische oplosmiddelen zoveel mogelijk worden vervangen door veilige (biobased) alternatieven. Het RIVM-onderzoek maakt deel uit van de Safe Chemicals Innovation Agenda (SCIA), een Nederlandse agenda om, onder andere, schadelijke stoffen te vervangen door duurzame en veilige alternatieven. Nederland neemt hierin het voortouw in Europa.