Home
BLIJF OP DE HOOGTE
Ontvang onze nieuwsbrief en digitale magazine
Uw adres wordt nooit aan derden doorgegeven.
Lees onze privacyverklaring.

     

ARTIKEL
Schijnveiligheid is een kwalijke zaak Laat een robot werken met gevaarlijke stoffen
Download dit artikel als pdf
Is uw adres bekend, dan wordt de pdf meteen geopend, anders krijgt u een link toegestuurd.
Ook ontvangt u onze volgende nieuwsbrief.

Schijnveiligheid is een kwalijke zaak

Laat een robot werken met gevaarlijke stoffen

Het steeds lager moeten meten van concentraties milieuverontreinigende stoffen vereist geavanceerde, hybride instrumentatie en een geautomatiseerde monstervoorbereiding om grote monsteraantallen snel, reproduceerbaar en veilig te analyseren. Dit signaleert Sander Affourtit, country manager JSB Benelux. Redactie & fotografie: FOODnote “Lekker goedkoop die badeendjes bij de Action, denken consumenten. Wat ze niet weten, is dat veel van deze producten uit China worden afgekeurd voor ze op de markt komen, omdat de EU-regelgeving steeds meer restricties stelt aan de hoeveelheid PAKs en weekmakers, de ftalaten, en brandvertragers die erin mogen zitten. De gehalten in Chinese producten zijn vaak te hoog. Het is een bekend probleem bij de import van goedkope artikelen uit China. Daarom wordt er strikter op gecontroleerd. Het moet wel veilig zijn. Deze focus op veiligheid en de trend naar steeds lager meten zie ik ook in andere milieusectoren terug. Denk aan de bepaling van Mosh/Moah in voedingsmiddelen, glyfosaten afkomstig van Roundup in landbouwproducten en geneesmiddelenresten in ons milieu.

Gerelateerde expertise

Dit artikel is afkomstig uit LABinsights www.labinsights.nl ©maXus media 16 LABinsights | Juni 2018 Juni 2018 | LABinsights 17 ‘ Laat een robot werken met gevaarlijke stoffen, dan verklein je de risico’s voor het personeel’ Sander Affourtit, country manager Nederland ‘Schijnveiligheid is een kwalijke zaak’ Het steeds lager moeten meten van concentraties milieuverontreinigende stoffen vereist geavanceerde, hybride instrumentatie en een geautomatiseerde monstervoorbereiding om grote monsteraantallen snel, reproduceerbaar en veilig te analyseren. Dit signaleert Sander Affourtit, country manager JSB Benelux. Redactie & fotografie: FOODnote “Lekker goedkoop die badeendjes bij de Action, denken consumenten. Wat ze niet weten, is dat veel van deze producten uit China worden afgekeurd voor ze op de markt komen, omdat de EU-regelgeving steeds meer restricties stelt aan de hoeveelheid PAKs en weekmakers, de ftalaten, en brandvertragers die erin mogen zitten. De gehalten in Chinese producten zijn vaak te hoog. Het is een bekend probleem bij de import van goedkope artikelen uit China. Daarom wordt er strikter op gecontroleerd. Het moet wel veilig zijn. Deze focus op veiligheid en de trend naar steeds lager meten zie ik ook in andere milieusectoren terug. Denk aan de bepaling van Mosh/Moah in voedingsmiddelen, glyfosaten afkomstig van Roundup in landbouwproducten en geneesmiddelenresten in ons milieu. We slikken pillen en gebruiken hormonen. De residuen plassen we uit. De bepaling daarvan is in drinkwaterlaboratoria een sterk opkomend onderzoeksgebied. Op applicatievlak leidt dat tot nieuwe, technische ontwikkelingen. De uitdaging met geneesmiddelresiduen is dat je ze op een zeer laag niveau moeten meten. Vanuit gezondheidsoogpunt soms zo laag, dat je aan de grenzen raakt van wat je daadwerkelijk nog kunt meten. Dat wisselt per component en leidt tot een spel tussen wat de apparatuur kan en de wetgever bedenkt. De overheid vindt dat het er niet in mag zitten, maar en in hoeverre is dat reëel als je dat analysetechnisch niet haalt? Als leverancier geeft dat grappige uitdagingen. Aan de ene kant is er de overheid die vindt dat alles schoner en lager moet, aan de andere kant zijn er de Chinezen die onder de wetgeving proberen uit te komen. Mogen er geen bis-ftalaten in het badeendje zitten, dan stoppen ze er andere ftalaten in. Met een ander pootje of net een andere binding, waardoor hij ineens niet meer in de screening zit. De milieulabs constateren dat er nog iets anders in zit, vervolgens wordt de wetgeving weer aangepast. Zo wordt de lijst steeds langer. Dat ontduiken van de wetgeving is een kwalijke zaak, het zorgt voor schijnveiligheid. Voor de analyse van dit soort stoffen is automatisering trending. Dat heeft zeker niet alleen met efficiëntie te maken. Een belangrijke reden is dat het kennisniveau in de labs afneemt. Door te automatiseren kan een hbo’er een analyse uitvoeren waar eerst een academicus voor nodig was. Ook verkleint automatiseren het risico op fouten. Een belangrijk argument om te automatiseren – en dat hoor ik steeds vaker – is de arbo-wetgeving. Mensen mogen minder vaak worden blootgesteld worden aan chemicaliën. Laat je een robot werken met die gevaarlijke stoffen, dan verklein je de risico’s voor het personeel. De overheid trekt op veiligheidsgebied in het algemeen meer geld uit voor veiligheid, maar grote concerns laten dat ook flink meewegen, bang als ze zijn voor claims. Labs leunen steeds sterker op software automatisering en verwachten er meer van. Data moeten automatisch doorgestuurd worden naar het LIMS, inclusief de controlestappen. Dat brengt efficiëntie en kwalitatief neemt het aantal fouten af als je het goed weet te programmeren. Een andere ontwikkeling is dat men trendstudies wil doen door zeg 20 chromatogrammen van bepaalde componenten te vergelijken in de tijd en de componentveranderingen naast elkaar te leggen. Er komen steeds meer softwareoplossingen voor historical trending. Je ziet in op instrumentatievlak dat je bij milieuanalyses vaak niet meer met standaard GC-MS wegkomt. Om laag en gevoelig te kunnen meten moet je naar complexe oplossingen, zoals GCxGC – dat inmiddels routinematig is geworden – en zijn andere types detectoren nodig dan single quad massaspectrometers. Denk aan time-of-flight – ‘ToF’, QTtoF en triple quad. Geavanceerde detectoren zijn in opkomst. Als je dat soort opstellingen automatiseert voor high throughput screening, komt de druk heel erg op de voorkant te liggen. Je zult ook daar moeten automatiseren om flink in monstervoorbehandelingstijd (en kwaliteit) te winnen. In sample prep zie ik nu spme – solid phase micro extraction - en spme arrow opkomen. Spme arrow is een doorontwikkeling van spme die in de CTC-robot zit en is geautomatiseerd. De extractie is veel gevoeliger en je haalt er lagere detectiegrenzen mee. Het is micro-extractie op kleine schaal. Het is robuuster dan gewone spme, omdat de naald aan de binnenzijde zit. Én spme arrow is volledig geautomatiseerd. Deze extractietechniek is relatief makkelijk uit te voeren. Je stopt de fiber erin, daar hechten de componenten aan en er zijn geen oplosmiddelen meer nodig voor de extractie. Dit gaat gewoon in water. Daarmee heb je gelijk een stuk veiligheid te pakken.” EXPERTVISIE EXPERTVISIE
MAXUS MEDIA
LABinsights.net LABinsights.de LABinsights.nl
Ontvang onze nieuwsbrief
Nieuwsbrief archief
Volg ons
Linked
MAGAZINE
Abonneren
SERVICE EN CONTACT flag